Interview ROB AGERBEEK, pianist


Van huis uit is hij eigenlijk een Boogie Woogie pianist: Rob Agerbeek.
In de jaren vijftig timmerde hij al aan de weg met Boogie Woogie, of liever beroerde hij de toetsen van zijn piano met Boogie Woogiemuziek.
Rob Agerbeek Het bleef daar niet bij, hij ontwikkelde zich verder tot jazzpianist, bebop, hardbop niets was hem vreemd.
Tegenwoordig is hij de vaste pianist van de ' Dutch Swing College Band '; oude stijl muziek, die hem ook niet onberoerd laat. Toch bleef zijn grote liefde diep in zijn hart voortbestaan. De Boogie Woogie en Blues, daar kan hij uren over praten. Zoals hij zelf zegt, dat is zijn eerste hoofdstuk van zijn pianospelen. Volgens mij is het hoofdstuk nog lang niet afgesloten.
Ik zocht hem op in Den Haag, alwaar hij in een heel gezellige buurt woont.

Hoe is het eigenlijk allemaal begonnen met jouw Boogie Woogie-muziek?
Nou eigenlijk is het van kleins af aan begonnen. Ik schat zo ongeveer in de oorlogsdagen. We woonden destijds in Nederlands-Indie, dus eigenlijk ten tijde van de Japanse bezetting. Het kwam onder andere door de ' Honky Tonk Train Blues ' die gespeeld werd door Bob Crosby and his band. We woonden toen in Batavia en tijdens deze bezetting werd er eigenlijk op huisfeestjes alleen maar Amerikaanse muziek gedraaid. En ik kan me herinneren, dat ik daardoor gepakt werd, oa.ook door hits als ' How high the moon.'

Begon je toen zelf ook al te spelen?
Nee joh, ik speelde zelf nog helemaal niet.Ik was toen een jaar of tien, elf.

Rob Agerbeek in zijn muziekkamer Hadden jullie toen wel een piano thuis?
Ja dat wel. Mijn moeder had een opleiding gehad aan het conservatorium in den Haag en ze studeerde af in Brussel. Ze had in Batavia per week wel een veertigtal leerlingen.
Mijn eerste impressie, waardoor ik gepakt werd door de Boogie Woogie, was de 'Honky Tonk Train Blues', waarvan ik op dat moment niet wist dat het Boogie Woogie was. Het was niet de uitvoering van Meade Lux Lewis, maar de uitvoering van het orkest van Bob Crosby.

Hoe ben je zelf met Boogie Woogie begonnen, gewoon achter de piano zitten?
Nou mijn moeder gaf dan les en als de leerlingen dan weg waren, ging ik zelf een en ander proberen op de piano,maar dan alleen op de zwarte toetsen, want dat vond ik lekker makkelijk.
Ik kan me herinneren, dat mijn moeder zei 'ga toch maar piano leren spelen. Maar daar had ik echt niet zoveel zin in. Ik had veel meer zin in allerlei andere dingen doen, zoals kattewaad uithalen, voetballen enz.

En zo is het begonnen?
Ja, zo is het eigenlijk begonnen, ik weet nog wel, dat kennissen van ons naar Holland gingen. En voor die periode stalden zij een kast bij ons. Daar zaten toen een stel platen bij, die ik dan draaide op onze oude pickup. En er was toen een plaat bij van Albert Ammons, de Tuxedo Boogie. Ik vond dat geweldig!
Nog een keer draaien en nog een keer en nog een keer, heerlijk!
Daarna vergat ik dat eigenlijk, todat ik we in Holland kwamen.
En hier in Voorburg in de Herenstraat was ik met een neef van mij platen aan het kopen. Ik mocht er een paar kopen van mijn moeder en ik zocht al gauw naar Boogie Woogie. Ik wist niet veel beter, ik dacht aan Winifred Atwell, Joe Meddox.
Toen kwam er een grote jongen binnen, die mijn neef kende. Ik maakte kennis met hem en vertelde hem, welke platen ik zocht.
Ik vertelde hem wat ik al had. Ja maar dat is toch geen Boogie Woogie, zei hij. De echte Boogie Woogie, dat is Pete Johnson, Meade Lux Lewis, Albert Ammons.

En zo is het eigenlijk gekomen. Dat waren zowie zo mijn voorbeelden. Maar die jongen, die de winkel binnen kwam zei, ik heb een vriend en die speelt echt wel aardig. Hein van der Gaag. Ik zal je wel een keer aan hem voorstellen.
Op een zaterdag kwam hij inderdaad opdagen met Hein van der Gaag. En ik maakte kennis met hem.
Hij begon te spelen, en potverdorie, dacht ik bij mezelf, dat wil ik ook. En toen ben ik het gaan oefenen.

Helemaal zelf oefenen en gewoon luisteren naar platen …?
Ja, inderdaad. Ik zeg ook vaak, mijn leraren zitten daar in de kast.

Wat vind je belangrijk bij het spelen van boogiewoogie? Wat is het belangrijkste, een goede linkerhand?
Ja, een goede linkerhand en wat ik later ontdekt heb, is dat de pure vorm van Boogie Woogie heel sterk gerelateerd is aan jazz muziek.
Dus de effecten in de diskant, zijn niet alleen maar effectjes, maar zijn eigenlijk uitvloeisels van jazz -accoorden.

De linkerhand is het belangrijkste?
Ja de linkerhand is de basis. Het stuurt in een bluesschema. Maar je hebt ook afwijkingen, bijvoorbeeld, dat populaire tunes verboogied worden.

Rob Agerbeek trio, tijdens Pasar Malam 2004 Hoe sta je daartegenover?
Ja, ik vind het niet echt puur, maar het kan wel heel leuk en goed gebracht worden.

Hoe kun je Boogie Woogie het beste aanleren?
Een goed harmonisch gehoor ontwikkelen door veel trainen.

En puur linker hand constant oefenen?
Ja. Ik zeg altijd een Boogie Woogie is net als een bokswedstrijd. Ik heb ook het meest getranspireerd na een Boogie Woogie optreden.

Hoe bedoel je een bokswedstrijd. In wat voor zin?
Om vol te houden . Jij bent de ritmiek, jij maakt het tempo. O ja, er zit wel eens een drummer bij. Maar primair is de pianist...., Boogie Woogie is eigenlijk ontstaan uit solo spelen. Zonder ritmesectie. Later is ritmesetie erbij gekomen, dat is eigenlijk alleen maar een toevoeging.
Maar primair moet je Boogie Woogie eigenlijk alleen kunnen spelen. Het is voor een Boogie Woogie pianist wel makkelijker, als er een ritmesectie bijkomt. Neem nou maar zo'n Axel Zwingenberger. Die speelt alleen maar solo, puur solo achter elkaar. Dit in tegenstelling tot Jean Paul Amouroux, die veel met begeleiding speelt.....

Is de Boogie Woogie veel veranderd ten opzichte van vroeger, heeft de muziek zich verder ontwikkeld?
Er is veel 'rock en roll' invloed bijgekomen. Maar de Boogie Woogie zelf niet, neen.
Maar ik moet wel zeggen, dat van de tien pianisten er maar drie of vier puur boogie woogie spelen. En de anderen maken er een soort rock en roll van.
Ik wil geen namen noemen, maar zo zie ik het….

Kun je dan spreken over verschillende speelstijlen, die iedereen heeft?
Ja, niet iedereen speelt hetzelfde, dat klopt.

Dat is ook het mooie ervan zou je zo zeggen...
Inderdaad, anders zou het een eenheidsworst zijn.

Er wordt gauw en vaak gezegd, dat Boogie Woogie altijd hetzelfde klinkt.
Inderdaad, één boogie, twee boogies, drie boogies en dan wat anders. Maar je kunt het ook interessant maken door je linkerhand te varieëren.
En wat alle klassieke Boogie Woogie-pianisten ook altijd in zich hebben, is dat ze ook qua linkerhand kunnen afwisselen. Af en toe 'swingdingen' er doorheen doen en dan terugvallen op de Boogie Woogie.

Rob Agerbeek Je hoeft dus niet altijd dezelfde linkerhand patronen in een nummer te spelen?
Nee, ik heb destijds een LP gemaakt in opdracht van CBS, dat heet ' Beatles Boogies' en daarmee heb ik dus in opdracht van CBS de Beatles-songs moeten verboogieën, vandaar de titel.
Maar voor elke stuk heb ik een andere linkerhand moeten gebruiken. Wat ik passend vond bij dat thema.

Zijn er veel linkerhand patronen?
O ja, ik ken het juiste aantal niet, maar er zijn er heel veel.

Maar meestal gebruikt iedereen hetzelfde patroon?
Ja, ik kan wel wat voordoen. Zal ik wat voordoen?
En toen gingen we naar zijn ' muziek(piano) -kamer', alwaar hij wat liet horen....

Wat denk je, komt de Boogie Woogie meer in de belangstelling?
Ja, het is eigenlijk wat meer toegankelijker voor het grote publiek dan bijv. jazz.
Als je over jazz praat, dan praat je meer over een kleiner publiek. Als ik bijvoorbeeld met mjn trio een optreden hebt, dan herkennen de mensen dat wel en als ik dan er tussendoor een Boogie Woogie speel, dan schrikken ze wakker, je ziet dat.

Je speelt met je trio jazz, dus niet uitsluitend Boogie Woogie.
Ja, natuurlijk wel als er om gevraagd wordt, dan doen we dat. Maar ik meng vaak, bluesachtige stijlen, maar ook Boogie Woogie er doorheen, dan maak ik een boogieset ertussen door.

En wat de pianisten hier in Nederland betreft, vind je ze van hoog niveau?
Ja zeker hoor, ik kan er zo wat opnoemen voor wie ik heel veel achting heb.

Jazz pianisten?
Ja nederlandse jazzpianisten.

Heb je ook in buitenland opgetreden?
Ja wel veel met de 'Dutch Swing College Band'.

Niet met Boogie Woogie?
Nee nu tegenwoordig niet. Vroeger in Duitsland meer eigenlijk.
Maar nu met de 'DSC' band gaat dat niet meer, dat past niet meer in het programma. We hebben toch zo'n honderd á hondervijftig optredens per jaar en dat voor een groot deel in het buitenland.

Je hebt wel met veel Boogie Woogie pianisten samengespeeld?
Ja, met Jean Paul Amouroux, Jean Pierre Bertrand, Vince Weber, noem ze maar op, Bob Seeley.

En de boogietrain met Jaap Dekker en Rob Hoeke?
Zeker, met Hein van der Gaag heb ik zelf duetten gemaakt en gespeeld.

Rob Hoeke is een leerling van je geweest?
Ja, Rob heeft van mij een paar lessen gehad in 1958/59, begin 1960 en toen werd hij bekend. Met hetgeen hij als passie had en met die paar lessen, die hij van mij had gehad, heeft hij er meer van gemaakt dan ik. Ik was toen al eigenlijk veel meer bezig met jazz.
Boogie Woogie is voor mij eigenlijk deel 1 van mijn pianospelen.
Ik ben eigenlijk meer puur Boogie Woogie pianist gebleven tot ca. 1962 en ben toen op een gegeven moment overgegaan naar de Jazz.
Dat prikkelde mij gewoon, vooral toen de mensen ervoor kwamen en ze Oscar Peterson hoorden of Nat King Cole en daarna ook Horace Silver.

Je hebt dat ook allemaal zelf aangeleerd?
Ja

Je hebt dus echt het talent van je moeder geërfd, gekregen?
Dat is wel zeker...

Heb je ook nog een baan naast het optreden of maak je muziek nu beroepsmatig?
Ik heb vierendertig jaar lang een baan ernaast gehad en daarvan ben ik nu met pensioen. Ik ben nu 66 jaar.

In Bussum dit jaar ben je niet geweest?
Nee jammer genoeg niet; ik hoorde er wel van, maar ik was zelf niet hier in Nederland.


Wanneer ben je bij de DSC gekomen?
Nou, ik moet zeggen dat ik vanaf 1970 al meerdere keren inviel bij de 'DSC'. Maar ik kon er nooit vast bij zitten, want ik speelde met mijn eigen groep en ook nog in andere formaties. Ik had veel te veel andere bezigheden om mij daaraan te kunnen verbinden.

Vorig jaar tijdens een optreden speelde er geen banjo mee.
Ja, maar nu weer wel. Daarom kan ik nu veel lichter spelen.
Maar om op vroeger terug te komen, toen speelde ik al veel mee met de 'DSC", maar ik zat ook nog bij de Dixiland Pipers.
Op een gegeven ogenblik vroeg Peter Schilperoort mij. Hij zei, weet je wat jij moet doen, jij moet bij ons komen spelen.
Ik zei, dat kan niet want ik zit bij de Dixiland Pipers bij Bert de Kort. O, zei Peter, Bertus dat is een eilandgenoot van mij.
Eilandgenoot?
Ja ze woonden samen op het Kaageiland.
Ik ga wel even met hem praten. Nou Peter ik heb nog iets, ik heb een kantoorbaan. Dus dat gaat niet.
Ik was getrouwd en had opgroeiende kinderen.
Pas in 1998 ging Fred Pruim met pensioen en toen werd ik weer benaderd er bij te komen. Eigenlijk ben ik vanaf maart 1999 officieel permanent bij de groep en meteen gingen we toen op tournee naar Australie.
Overigens zal dit seizoen het laatste zijn bij de ´DSC´. Ik ga dan weer freelancen.

Rob Agerbeek tijdens optreden Den Haag Wat speel je zelf liever, Boogie Woogie. of Jazz. Jazz natuurlijk.
Ja, dat geeft me meer vrijheid, maar ik wil de Boogie Woogie niet loslaten. De Boogie Woogie heeft mij de bluesopvatting in de jazz gegeven.
Dat hebben meerderen trouwens gezegd. Je kunt horen aan jou, dat je een bluesinvloed heb in jouw jazzmuziek.

Waar treedt je het liefste op, heb je een bepaalde plek waar je het liefste speelt.
Nee hoor, dat maakt me niet uit. Het liefst dicht bij huis, ha ha ha!!!

Welke boogie speel je het liefst?
Ik heb niet een specifiek nummer, dat ik het liefste speel. Eigenlijk vind ik de 'Tuxedo' Boogie van Albert Ammons wel fijn om te spelen.

En de 'Honky Train Blues' ?
Ja, deze wordt vaak onderschat. In veel gevallen wordt hij niet goed gespeeld.
Je moet de linkerhand echt staccato spelen in plaats van legato. Het geeft een ander effect. Heb je mijn uitvoering nooit gehoord?
Ja in Musis Sacrum.
Doe maar even uit(cassetterecorder), dan laat ik wat horen.

En daarna hebben we naar zijn CD 'De Boogie Rocks' geluisterd. Ik bedankte hem voor het feit, dat ik een interview met hem mocht hebben. En ik moet er wel bij vertellen, dat nog niet al zijn wapenfeiten zijn vermeld.
Zo heeft hij met zijn 'Boogie Woogie'- kwartet de Avro Jazzcompetitie(1956) gewonnen en ook het Haags Jazzconcours en het Nationaal Jazzconcours (1958).
Ook heeft hij in Frankrijk opgetreden in  'Laroquebrou' en in Parijs in 'Les Nuits de Jazz et Boogie'. Behalve dat heeft hij ook opgetreden met de 'Grand Piano Boogie Train'. Meer informatie over hem volgt wellicht nog.


Wim Flohr

Den Haag, juni 2004
Webmaster www.boogiewoogie.info
Email: webmaster@boogiewoogie.info